woensdag 9 november 2011

Wapens verspreiden, kwaad bestrijden

In tijden van crisis telt maar één ding: de economie moet blijven draaien. Als veel bedrijven in moeilijkheden zitten en de tewerkstelling dreigt in het gedrang te komen, valt het dan niet te rechtvaardigen dat een bedrijfsleider alles doet om de toekomst van zijn bedrijf en zijn werknemers te vrijwaren. Op het eerste zicht misschien wel. Maar wat als het bedrijf wapens produceert en exporteert en de eigenaar ook nog eens de overheid blijkt te zijn?
De NAVO-missie in Libië is geslaagd. Kadhafi is ten val gebracht en de leiders van het Noord-Atlantische verbond haasten zich om een pluim op de hoed te steken. Job well done!!! Minister van defensie Pieter De Crem haast zich naar micro's en camera's om te verkondigen dat de Belgische bijdrage aan de missie over de hele lijn geslaagd is. Burgers zijn beschermd en het democratische zaad is gepland. Hozee! Maar, Meneer de minister, tegen wie moesten die burgers dan beschermd worden? Wel, beste man in de straat, tegen de kwaadaardige kadhafi en zijn getrouwen, die dreigden om een slachting onder de bevolking aan te richten. Hadden ze daar dan de wapens voor? Vast en zeker! We hebben ze immers zelf geleverd. Twee jaar geleden nog, toen Kadhafi nog niet wreed en kwaadaardig was.
Het edele koninkrijk België beschermt dus de burgers van Libië tegen een tiran. Een tiran, die het wel zelf van wapens heeft voorzien. Zeker samen met de Verenigde Staten in de klas gezeten. Zelfde les economische belangen en ethiek gevolgd. Misschien moet FN Herstal mijnen of clustermunitie voor Libanon gaan maken? Of bermbommen voor Afghanistan? Machetes voor Congo, misschien? Het is crisis, alles voor de tewerkstelling, toch? We denken er alvast verder over na. "Het is mooie wereldbol, maar ik snap er niet veel van", zei de grote filosoof Urbanus Van Anus al.

Onderwijs, wetenschap en cultuur

Grote consternatie in de wereld van de internationale diplomatie. Een stelletje terroristen en bandieten had het zowaar gewaagd om lidmaatschap van de Verenigde Naties te vragen. Een blammage voor de internationale samenwerking en dialoog werd nipt vermeden toen een aantal behoeders van het algemeen belang, God zij dank, het been stijf hielden. Veto's werden gelukkig tijdig ingeroepen. Voor dergelijk gespuis geen plaats in de internationale praatbarrak.

Algemene opluchting verspreidde zich over de godsvrezende wereld, een ramp nipt vermeden. Bijna waren de terroristen erkend, moest er naar geluisterd worden, en wie weet, zelfs mee gepraat. En toen gebeurde iets ongehoord. De schurken hadden het nog niet begrepen en vroegen zowaar om lid te worden van de internationale organisatie voor onderwijs, wetenschap en cultuur. Wat een onbeschaamdheid! Onderwijs had er niemand genoten. Wetenschappelijk onderzoek was ze al helemaal vreemd. Om dan nog van cultuur te zwijgen: compleet achtergesteld en vooral minderwaardig. Gelukkig voor de wereld waren daar weer de behoeders van het algemeen belang. Een klein godsvrezend land wees de rest van de wereld onmiddellijk op zijn dwaling. Met gemarginaliseerden die aan onderwijs, wetenschap, laat staan cultuur deden, wilden zij niet meer praten. Waren zij dan de enigen die het dreigende gevaar zagen komen. Gelukkig voor de wereld niet! Een veel groter en machtiger, maar even godsvrezend land, zag ook tijdig het gevaar. Onmiddelijk, zonder verpinken, wel meteen en gesteund door de wet, zei het land zijn steun aan de organisatie voor onderwijs, wetenschap en cultuur op. Cultuur heeft dat geboefte toch niet nodig? Wetenschap dient toch niet het algemeen belang? En onderwijs? Dat is er toch zeker niet voor iedereen? Terechte vragen. We denken er alvast verder over na. Maar om de grote wijsgeer Urbanus Van Anus toch te citeren: "het is een mooie wereldbol, maar ik snap er niet veel van."